Historiek

Theater Kollektief Galmaarden wordt opgericht in 1976, het jaar van het kind. Onder de naam "Theater Schanulleke" worden er opvoeringen gebracht door volwassenen voor kinderen. Onder leiding van Sally Daugerty brengen we “Fik de vogelschrik” & “Gorlo de vrijbuiter” van Dirk Vermiert. Als jong volwassenen willen we ook wel onze grenzen verleggen en zo wordt er ook gewerkt aan vol avondproducties voor volwassenen. Onze eerste productie wordt “Marcus de waterman” , we schrijven 1982 We hebben de smaak te pakken en in 1983 zetten we “Onder ons” van Rene Verheezen op de planken. We willen weten waar we staan en nemen dan ook deel aan het Provinciaal Toneeltornooi van de provincie Vlaams-Brabant en behalen een 1ste afdeling. In 1984 starten we binnen de groep een jongerenafdeling. We starten met 24 jongeren tussen 7 & 12 jaar en brengen met hen “De schoorsteenput” van Hedwig Cooremans. De volwassenen studeren voor de pinksterkermis het openluchtstuk “De bank der minne” in.
 
Er wordt opgetreden in het Baljuwhuis en we worden uitgenodigd op het wagenspelenfestival te Bokrijk. Daar wordt na de optredens nog wat nagekaart op een terrasje en we komen unaniem tot het besluit dat wat in Bokrijk kan, ook bij ons kan. Het zaadje voor ons eigen wagenspelenfestival is geplant en kan groeien. Op 3 & 4 juli 1985 ziet ons eerste “Wagenspelenfestival” het zonlicht. 10 Vlaamse theatergroepen zakken voor een eerste festivalweekend af naar het Baljuwhuis. Deze formule zullen we tot 1992 aanhouden.
 
We brengen ook “Vlinders zijn vrij” van Leonard Gersche als vol avondproductie. In 1986 wordt er gekozen voor “De eerste werkdag na de wittebroodsweken” van Gaston Gheunes. In 1988 wordt “Het grote beest” van Bricaire & Lasaygues op de planken gezet. Theater Kollektief wordt omgevormd tot vzw Er wordt ook naarstig verder gewerkt met de groep jongeren en in 1989 brengen ze “De toverbloem van Rachiboem” van Bert Alberts. De volwassen kiezen ervoor om 4 eenakters te spelen. “Xantippe” van Paul Lebeau in een bewerking van Elie Herregodts; “Onverschillig tot en met” van Jean Cocteau; “Contact o matic” van Freek Neirinck en “Gezellig samen een borreltje” van Alan Ayckborn.
 
In 1990 houden we van onze jongerengroep een harde kern van een 12-tal jonge acteurs en actrices over. Zij brengen “Protest der Wolven” van Paul Van Bossuyt op ons Wagenspelfestival. Ze zetten ook “zeven sneeuwwitjes en een dwergje” van Greta Dubois op de planken. In 1991 hebben ze nog verschillende optredens met “Protest der wolven”. 1992 is het jaar van “Clowns” een eigen productie van Jong TKG en “Mirakels” van Djingo Music. Er wordt weer voor eenakters gekozen. Dit keer worden het “Een avond in mei” van Luc Vanden Brielle en “Die van tafel 10” van Osvaldo Dragun. Ons “Wagenspelenfestival” zal er vanaf nu heel anders uitzien. Het wordt omgedoopt tot “Internationaal festival voor openluchttheater”. Dank zij de steun van de Europese Gemeenschap en tal van andere officiële instanties kunnen 5 buitenlandse groepen optreden op het festival. Niet langer een 2-daags festival maar 12 dagen. De Vlaamse en Nederlandse groepen komen enkel voor het weekend maar de Spanjaarden, Engelsen, Portugezen, Shetlanders, Denen blijven. Tijdens de week zijn er workshops en worden er uitstappen voorzien. Onze jonge mensen nemen deel aan het festival in Wulpen. In 1993 brengt Jong TKG “Miezert muis” van Djingo Music. Voor het wagenspelenfestival wordt “De put” van Paul Van Bossuyt ingestudeerd. We trekken met dit stuk ook naar het festival in Assen (NL) en Orvelte (NL). In 1994 zorgt Jong TKG weer voor een eigen productie “ Heaven and Hell unpugged” een parodie op de bijbel waar ze heel wat plezier aan beleven.
 
Wij blijven voor eenakters kiezen. “Achter Carosso” van Manuel van Loghem en “De schuur” worden op de zolder van het Baljuwhuis gespeeld. In september trekken we weer naar Drenthe om daar deel te nemen aan het openluchtfestival. Tijdens de zomer waren onze jongeren weer te gast in Wulpen. Eind 1995 spelen we “Verlengd weekend” van Lode Pools. Jong en oud werken samen voor het openluchtstuk “De sprookjeszanger” van Paul Van Bossuyt. Ook met dit stuk treden we op in Nederland. In 1996 trekken we met “Verlengd weekend” op tournee en geven gastoptredens. Tijdens de paasvakantie schepen we met 26 man in op Zaventem en vliegen naar Porto waar we optreden met “De sprookjeszanger” en waar onze jongeren samenwerken met een Portugese groep en het spektakel “Inferno” uit de grond stampen. In 1997 wordt er vooral met de jongeren gewerkt aan “Gekloond” een eigen productie en “Simon Vedelaar”. Er wordt nu ook beslist om met de buitenlandse deelnemers aan “Het festival voor openluchttheater” op te treden in 4 verschillende provinciale domeinen van de provincie Vlaams-Brabant nl. ‘De halve maan’ in Diest, het provinciaal domein in Kessel-Lo, het provinciaal domein in Huizingen en natuurlijk onze thuisbasis ‘het Baljuwhuis’. In 1998 zijn de vrouwen aan de macht want we brengen “Het huis van Bernarda Alba” van Federico Garcia Lorca. We brengen nog een laatste keer “Verlengd weekend” in Geraardsbergen. De jongeren hebben intussen het openluchtstuk “Total nonsens” gecreëerd.
 
1999 is een vruchtbaar jaar. Er worden 2 producties gebracht: “Bed in, bed uit” van Dave Freeman en “Zachtjes met de deuren” van Michel Fermaud. Onze jongeren zitten ook niet stil en brengen een prachtige parodie op de oscaruitreiking “Oscars list”, een openluchtstuk uiteraard. Het einde van de 20ste eeuw vieren we met 2 superproducties: “Iphigineia Koningskind” van Euripides (we behalen weer een eerste afdeling op het provinciaal toneeltornooi) en “De regenmaker” van N. Richard Nash. De jongeren herwerken “Haeven and hell unplugged” Ook in 2001 wordt er keihard gewerkt. We brengen “De Spaanse vlieg” van Arnod & Bach en “ De bemoeial” van Jack Poppenwell. “De put” wordt vanonder het stof gehaald. In 2002 brengen we “La mama” van André Roussin en “Chemistry” een musical van Marie Goossens. Veel tijd voor een openluchtstuk is er niet meer, er wordt beslist van “De sprookjeszanger” te hernemen. In 2003 staat “Doe het zelf neushoorn” van Pierre Soetewey geprogrammeerd. De jongeren steken “Protest der Wolven” in een nieuw kleedje. 2004 is het jaar van “Fox” ( een moderne versie van Reinaert de Vos) van Tom Durie. Ook “The odd couple” (ontkoppeld) van Neil Simon ziet het voetlicht. “Vorstenhuizen van Europa” steelt in 2005 de show. Onze jongeren brengen hun eigen versie van “Un dia mas o menos” van de Spaanse groep Mutation uit Madrid. Intussen wordt er ijverig geoefend in schermen en degengevechten en worden er middeleeuwse dansen aangeleerd want we brengen volgend jaar Romeo & Julia. Er is ook minder prettig nieuws. Ons openluchtfestival ging voor de allerlaatste keer door. De provincie verkocht het Baljuwhuis aan de gemeente ……
 
2006 staat volledig in het teken van “Romeo & Julia” van William Shakespeare ( we behalen weer een eerste afdeling op het provinciaal toneeltornooi) In 2007 krijgen we een moorddiner. Jorgen Herregodts bewerkte “De onthulling” van theater Scorpio. Dit is voor herhaling vatbaar: lekker eten en theater kijken. Het duo “DIRIK” bezorgt ons een dolkomische avond met “Nonkel Firmin” In 2009 brengen we “Pekel en haring” van Ivo Maes. Jorgen en Jan staan in ons geheugen gegrift met “hun broek van grootmoemoe”. En toen stond alles even op een laag pitje maar in 2012 engageerden we ons mee in Gooik en brachten er “Pension van lichte zeden” van Carl Slotboom. We brachten dit stuk ook in Galmaarden in het voorjaar van 2013. Weer een nieuwe mijlpaal in ons bestaan want Elie Herregodts besluit de fakkel door te geven. Jan Faveyts wordt de nieuwe voorzitter van TKG. Samen met Jorgen, Helena, Veerle, Katrien, Astrid, Jorgen … nemen ze het roer over. Natuurlijk blijven de ouderen meewerken . Men besluit terug te keren naar de roots van TKG en naar Skakespeare.
 
2014 wordt het jaar van "De getemde feeks" weliswaar in een modern kleedje gestoken. De Baljuwzaal wordt omgetoverd tot een gezellig café. We nemen weer deel aan het Provinciaal Toneeltornooi en behalen weer een eerste afdeling. We keren ook terug naar een oude liefde, nl. openluchttheater. Op het terras achter "El Faro", intussen onze stamkroeg en ons repetitielokaal, brengen we op twee zonnige weekends in augustus "un dia mas o menos", een mimespel over zomaar een dag in het park.
 
In september starten we onze volgende productie op. We beginnen met lessen 'Commedia dell'arte' want we brengen "Paljaske en al zijn meesters" van Paul Vanbossuyt een bewerking van Goldoni's 'Knecht van twee meesters'. In januari 2015 starten we ook met choreografie en we leren walsen. In juli en augustus brengen we op het terras van El Faro "De sprookjeszanger" van Paul Vanbossuyt, een parodie op Assepoester met heel wat zang.
 
Eind 2015 wordt er keihard gerepeteerd voor "De zetel" een volkse komedie van Paul Coppens in een regie van Elie Herregodts. In april 2016 spelen we voor 5 uitverkochte zalen. Intussen zijn we ook gestart met de repetitie voor het moorddiner "'t is maar een moord" van Jan Heyvaert. Na 9 jaar brengen we op vraag van een aantal personeelsleden van het UZ-Jette op 11 juni 2016 in de Eglantier in Herne ons tweede moorddiner. Jorgen, Astrid en Johan die nog geen dubbele repetities hebben worden ingeschakeld voor "The girl from Iphahina", het openluchtstuk. Dit kunnen we vooraan op het terras brengen omdat er slechts een kleine bezetting is. En ons moorddiner was toch ingestudeerd, de zaal van El Faro werd 3 keer het decor voor ons tweede moorddiner. Misschien doen we dit binnen 5 jaar nog wel eens over?
 
2017 is het jaar van "Marius" De auteur Marcel Pagnol voert ons terug naar het Marseille van de late jaren '20. In deze tragikomedie beroerden Sven als Marius en Helena als Fanny het talrijk opgekomen publiek met hun vertolking. Elie als Cesar, de nukkige kroegbaas en vader van Marius speelde de rol van zijn leven. Zij net als de rest van de acteurs wisten opnieuw de jury te overtuigen en ook nu behaalden we een zeer goede eerste afdeling. Ook onze decorploeg zette zijn beste beentje voor. Ze wisten perfect de mediterane sfeer van Marseille te creeëren. De week na onze voorstellingen trokken we naar "De Zwaluw" in Vollezele in onze outfit van de jaren '20 om er de rusthuisbewoners te entertainen. 
 
Na 17 jaar halen we in 2018 "De Bemoeial" van Jack Popplewell's van onder het stof. Deze komische thriller valt zeer in de smaak bij het TKG-publiek. Elie  als commissaris Van Aalst en Kim als Sofie Pardaens studeren zich te pletter op een massa tekst. De spelers hebben zich geamuseerd, het publiek heeft genoten. Moeten we nu verder in het komische genre of blijven we onze TKG-filosofie trouw? We zullen er een paar nachtjes over slapen.
Het nachtje slaap heeft deugd gedaan want Jorgen vond voor ons "Thee met citroen of met honing" van Danielle Navarro-Haudecoeur en Patrick Huudecoeur. Dit oorspronkelijk Franse stuk behaalde in Hercul Poirot-prijs in Frankrijk, Canada en het franstalige landsgedeelte van België. Een super komedie en gelukkig kregen we van de auteur, nadat hij onze cv had bestudeerd, de toestemming om het te spelen. De repetities zijn gillers ...  ons publiek kan er op 5, 6, 12 en 13 april 2019 van genieten.